In Scandinavische landen is een minderheidskabinet meer regel dan uitzondering, de vergelijking met de Nederlandse situatie gaat echter niet zomaar mank: die loopt op een landmijn en hinkelt verder met één been.
In Denemarken steunt sinds 2001 de Deense Volkspartij (DV) een centrumrechtse minderheidsregering. De DV neemt standpunten in die op gebied van immigratie, islam, integratie en (ouderen)zorg vergelijkbaar zijn met de PVV. Sinds een slordige veertig jaar heeft het daar zijn bestaansrecht bewezen. Voorstanders van een een-tweetje VVD-CDA met de PVV als lachende derde wijzen daar op.
Met een groot ongeluk is het nakaarten al snel begonnen. Niemand weet hoeveel mensen zich door dat lullige tunneltje gewurmd hebben om naar de Love Parade te komen. Rainer Schaller, de organisator, heeft om te beginnen al uit te leggen dat hij niet wist hoeveel mensen er waren. Op de beruchte zaterdagochtend sprak hij van 1,4 miljoen bezoekers. Na de ramp claimde hij dat het terrein tussen de 250 en 500 duizend mensen kon bevatten. Er werd gerekend op 1 miljoen mensen. Zou hij geweten (kunnen) hebben dat het terrein niet berekend was op een dergelijk massaal feest?
De oude Romeinen begrepen al het nodige van het bespelen van de bevolking. Zorg voor brood en spelen en het gepeupel houdt zich gedeisd. Inmiddels zijn we dik anderhalf millennium verder. Volksvertegenwoordigers zitten in 2010 niet meer in de ereloge, maar rennen spreekwoordelijk rond in de arena die we mediacratie noemen. Ook moesten gladiatoren hun gevechten winnen door daden te stellen en politici door daden te beloven. Een belangrijke overeenkomst is dat gladiatoren voor een ernstige zaak stonden en dat als entertainers op moesten lossen. Naar mijn smaak zijn politici teveel op entertainers gaan lijken om stemmen te trekken.
‘Blijf dicht bij jezelf. Bedrijven willen echt niet weten of je goed kunt acteren tenzij het een castingbureau is.’ Stilzwijger, Hanekam & Hanekam, Drumstick en ik hoorden het aan, schreven het op en dachten er het onze van. We hadden net een groepsopdracht geoefend waarbij we vooraf een kaartje hadden gekregen met daarop wie we waren en wat onze situatie was. Aan deze assessmenttraining heb ik verschillende keren teruggedacht en eerlijk gezegd word ik er een beetje narrig van, de groepsopdracht.
Amsterdam, een willekeurige werkdag. Tram 5 rijdt langs de Zuidas. Zuchtend en voorzichtig schuifelend stapt het 3e regiment van het krijtstreeplegioen uit. Als mijn kat is overleden kijk ik vrolijker. Wat raar dat ik hen toch benijd. Deze mensen hebben het vege lijf weten te redden in een economische tornado die de Atlantische Oceaan is overgestoken en nog niet is uitgewoed. Het dwingt me tot zelfonderzoek. Hoe kan het dat elke 10 minuten duizenden kilo’s lamlendigheid per wagonlading voor de deur worden gesodemieterd en dat een brok gedrevenheid (in alle onbescheidenheid) nog geen startersfunctie heeft?
Winst en verlies, ziekteverzuim, prognoses, businessplan, verkiezingspeilingen – wie leeft er niet gebaseerd op cijfers? Je baan, functioneringgesprek of je verstrekte krediet hangen er vanaf. In de wereld van werving en selectie is het niet veel anders. Zo kon het dat ik laatst mijn examencijfers van de middelbare school onder een dikke laag stof vandaan haalde om bij mijn motivatiebrief te voegen. De correlatie tussen school- en academische resultaten en werkbeoordelingen zijn hoog, zo bezweren voorstanders. Dat zal best, maar mijn tienerjaren stonden in het teken van experimenteergedrag, hormonale wildgroei en opgelegde ontwikkeling die later voor driekwart irrelevant bleek te zijn. Veel (vaak strategische) consultancybedrijven zweren echter bij cijferlijsten, en ze staan daarin zeker niet alleen.
‘Je moet wel tegen een stootje kunnen.’
‘Het ligt ook aan haar, zij kan heel weinig hebben.’
‘Hij zit zo snel op de kast, daar kan ik ook niks aan doen.’
Heerlijke dooddoeners voor cursisten op de thema-avond ‘Juf, ik pest niet!’ voor gevorderden. Succes verzekerd en dus warm aanbevolen! De truc is namelijk de verantwoordelijkheid bij de ander te leggen, het liefst in een enkele zin. Officieel is dit niet nodig voor volwassen mensen onder elkaar, die zijn oud en wijs genoeg. Op hetzelfde moment kosten treiteren en intimideren op de werkvloer het bedrijfsleven 2 miljard euro per jaar. Ziehier het prijskaartje dat hangt aan een streng bewaard taboe.
Laat ik vooropstellen dat ik net zo’n hekel heb aan dikke mensen in het vliegtuig als KLM zelf. Mijn idee is om vetkleppen gedwongen kilo’s te laten lozen. In een land waar je junks verplicht kunt laten afkicken moet je mensen prima kunnen dwingen om zich te onderwerpen aan de terreur van Sonja Bakker, wiens loopbaan we dan meteen uit het slop trekken. Voer zo’n wet meteen in dat dikzakken er in elk opzicht niet omheen kunnen. Weten ze ook eens hoe wij ons voelen als ze ons aan de kant proppen tijdens een intercontinentale vlucht. Bovenstaand gevoel voor tact is me nu eenmaal eigen, zodoende past zo’n wetsvoorstel prima in mijn ideëen.
Tot afgelopen week had ik een baan waarbij postzegels verzamelen me spannend leek. Uit ontsnappingsdrang vluchtte ik in de gangen van mijn gedachtenwereld, zodoende regelde ik tussendoor een aantal eigen zaakjes, varierend qua belang: e-mail, twitter, Facebook – dat werk. We kwamen er allemaal mee weg. Het werk liep op rolletjes en mijn afdeling presteerde boven verwachting. Misschien juist wel omdat we de vrijheid kregen om afleiding te zoeken van geestdodend werk. Niemand maakte daar een geheim of een probleem van, ook de leidinggevenden niet. Hoe anders heb ik veel surveilleertijgers meegemaakt.
Als kind begreep ik al weinig van sterke staaltjes christenvertellingen. Een aardlkoot in zes dagen scheppen, alla. Een maagd laten bevallen? Prima, voorlopertje van de ivf – meer niet. Een zee in tweeën splijten met een staf? Akkoord. Maar een bok de woestijn in jagen en de pretentie hebben dat je zonden vergeven waren, daar kon ik met mijn pet niet bij. ‘Rare jongens, die joden,’ parafraseerde ik mijn favoriete stripheld, wat me op een flinke portie strafwerk kwam te staan. Kritiek op Israël lag gevoelig tenslotte. Ook in groep 4.
Deze site is een weblog van leidinggevenden in de leeftijd van 25 tot 35, en tevens nuttig voor studenten, want er zal veel over praktijkervaringen worden gesproken. Jongebazen wil een podium zijn waarop niet alleen de successen en schitterende CV’s worden geetaleerd. Daar heeft alleen de schrijver wat aan. Veel interessanter (en vaak leuker) is het schrijven over twijfels, bloopers en complicaties die jonge (en oude bazen) tegenkomen of -kwamen in het prachtige managementvak.
