Niet iedere druktemaker is een ADHD’er; de ‘psychiatrisering van de samenleving’

Het valt mij op dat mensen nogal makkelijk zijn met de woorden autist en narcist. Wie teveel selfies maakt (naar het oordeel van de ander die kennelijk de norm bepaalt) is een narcist. Ook (vooral mannelijke exen) worden narcist genoemd. En iemand die wat stiller is, wordt al snel autist genoemd. Het is een tendens. Die neiging om dingen met psychiatrische etiketten te beplakken. Zo wordt onze samenleving wel een ‘borderline’ samenleving genoemd. En iemand die druk is heeft altijd ADHD. Ik wil een nieuwe ziekte benoemen. ‘Normalitis’. Heel veel mensen lijden aan normalitis. Een hele erge ziekte.

Je zou ook kunnen spreken over de ‘psychiatrisering’ van de samenleving. Je kunt een zeer egoïstische en ook narcistische ex hebben gehad. Dat wil ik niet bestrijden. Ik ken het uit mijn omgeving, en ik kan je vertellen dat een echte narcist een groot probleem is. Maar niet iedere egoïst is een narcist. Iemand die te vaak aan zichzelf denkt, lijdt nog niet aan een ziektebeeld. Iemand die veel van seks houdt, is nog geen seksverslaafde. En als iemand veel doet met zijn mobiele telefoon, is dat nog geen telefoonverslaving. Een echte telefoonverslaving is een groot probleem. Maar lang niet iedereen lijdt daaraan.

Autisme is er ook zo een. Laatst hoorde ik iemand zeggen dat eigenlijk alle ICT’ers autistisch zijn. Volkomen onzin. Net zo’n onzin als dat iedereen die niet extravert is, bang zou zijn om te praten. Er is een populaire Vlaamse psychiater die graag ‘psychiatriseert’. Met een reeks verwijzingen deze Dirk de Wachter naar kunstenaars en schrijvers (altijd hip!) brengt hij onze samenleving in beeld. Hij noemt het een ‘borderline’ samenleving.

Natuurlijk is niet alles wat hij signaleert onzin. Integendeel. Hij heeft een goed beeld van de dingen die minder positief zijn in onze samenleving. Maar hij denkt er wel erg negatief over. Bijna in termen van de ondergang. De mens is bezig om zijn menselijkheid te verliezen. We rennen met zijn allen als kippen zonder kop in het rond, en vooral hollen we onszelf voorbij. We hebben geen echt contact meer. Maar ondertussen hebben we honderden contacten via sociale media

Veel mensen zijn dat met hem eens. Vooral ouderen. Ik ben zo’n oudere, maar ik geloof dat hij het allemaal veel te negatief maakt. Was het vroeger echt zoveel beter? En kun je eigenlijk wel stellen dat jongeren niet meer echt communiceren? Ik vind het onzin. Ik zie ook dat we in een informatiesamenleving zitten, maar dat hoeft onze ondergang nog niet te zijn. Komop. Het is voor De Wachter overigens zakelijk heel verstandig om de wereld als een zieke patiënt voor te stellen. Dat doet hem en zijn vakbroeders heel goed.

Ik heb meer met Witte Hogendijk, een andere psychiater, die deze verschijnselen ook ziet, maar er anders mee omgaat. Laten we voorzichtig zijn met dingen die slecht voor ons zijn, stelt hij, laten we beter leren omgaan met de stress die we krijgen in onze eigenaardige samenleving. Gezond leven is ook gezond omgaan me sociale media en met informatie. Maar geen doemscenario’s hoor. Maar ja, anders dan De Wachter neemt Hogendijk de breinwetenschappen, de evolutieleer en de biologische vergelijkingen met mensapen serieus. Dit voorkomt dat hij dingen als een psychiatrisch probleem ziet, die dat niet zijn.

Want we moeten goed leren om ziektebeelden te onderscheiden van verschijnselen die lijken op die ziektebeelden. Niet iedere druktemaker is een ADHD’er. Niet iedere op zichzelf gerichte ex is een narcist. En niet elke nare ervaring is een trauma.

Ik vind het erg belangrijk, dat onderscheid. Want mensen ziek noemen die het niet zijn, is goed voor psychiaters en psychologen, maar niet voor die mensen zelf. En overigens ook niet voor onze zorglasten. Maar dat is weer een ander verhaal.

Bert is trainer, coach, schrijver en interim manager. In de afgelopen periode was hij regelmatig in de media (BNR, NRC Handelsblad, Elsevier Juist) in verband met zijn visie op diversiteit, ontwikkeling en het brein en jonge managers

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *