Verhalen in organisaties…parallellen met de wetenschap…

Luister eens naar deze twee meningen. De eerste is van de wiskundehoogleraar en BBC-wetenschapper Marcus du Sautoy: ‘Wat we niet kunnen weten schept net zo goed ruimte voor mythen, verhalen en de verbeeldingskracht als voor de wetenschap. Dat we iets niet weten, belet ons niet om verhalen te bedenken waarmee we het onbekende invullen. Deze verhalen vormen cruciaal materiaal voor wat ooit op een dag wel bekend zou kunnen zijn. Zonder verhalen zou er helemaal geen wetenschap bestaan. Over datgene wat men niet kan weten, daarover kan men zijn fantasie de vrije loop laten. We zijn tenslotte onze reis naar onze huidige kennis begonnen door verhalen te vertellen.’

De tweede mening is van Daniel Dennett, die onlangs zijn boek ‘Van bacterie naar Bach en terug’ schreef. ‘Er zijn ook lieden die de wetenschappelijke verklaringen aandachtig bestudeerd hebben en het daar niet mee eens zijn. In plaats van rigoureuze, over voorspellend vermogen beschikkende wetenschappelijke verhalen hebben ze liever oeroude mythen over vuurwagens, strijdende goden, werelden die zijn ontsproten aan een slangenei, beheksingen en betoverde tuinen.’

Marcus du Sautoy ziet mythen en verhalen als een aanvulling op de wetenschap, een weg om dat wat we niet weten open te breken. Dennett ziet het anders. Hij benadert mensen die een zwak hebben voor mythes met de nodige ironie. Maakt ze een beetje belachelijk. Het is mooi van Du Satoy dat hij verhalen deze rol geeft. Het is ook een beetje kortzichtig dat de (niet ten onrechte) bewierookte Dennett van de mythes een soort fabeltjeskrant maakt.

Hij had beter kunnen weten. Uit veel onderzoek blijkt dat mensen gevoeliger zijn voor verhalen, dan voor wetenschappelijke feiten. Het verpakken van een boodschap in een verhaal raakt ons. In de middeleeuwen wisten ze dat al. De toenmalige ‘waarheid’ werd in verhalen en exempelen aan de mensen verteld; anders werden ze niet geaccepteerd. Ook tegenwoordig kun je geen training storytelling of presentatietechnieken meer volgen, of er wordt je duidelijk gemaakt dat een goed verhaal meer effect heeft dan feitjes en statistiekjes.

Wie een training evalueert, merkt dat mensen gevoelig zijn voor beleving. Is de beleving positief, dan maakt het verder niet zoveel uit of het feitelijk allemaal klopt. Ik maak het voortdurend mee.

-Ach, zeggen mensen dan, het verhaal was niet nieuw maar hij brengt het zooo leuk.

Als verhalen en beleving zo’n zeggingskracht hebben, dan moet je je toch afvragen of mythes en verhalen wel zo onbeduidend zijn als Dennett ons wil laten geloven. Wellicht is Du Satoy zich meer bewust dan Dennett van de beperkingen van de wetenschap. In zijn boek ‘Wat we niet kunnen weten’ doorloopt hij de gebieden die we kennen maar ook die we niet kennen, en hij wijst er op dat er maar zo weer nieuwe feiten gevonden kunnen worden, waardoor ons huidige wereldbeeld omver kan worden gegooid.

Een dergelijk fenomeen zien we natuurlijk ook in organisaties. Een goed verhaal verkoopt, bijvoorbeeld bij veranderingen. Maar ook bij presentatie van cijfers. Het lijkt daar om feiten te gaan, maar we buigen het kille basale verhaal altijd weer om naar een mooi verhaal dat de zaken beter of slechter voorstelt, al naar gelang dat wenselijk is.

De kracht van het verhaal. Daar gaat het om. Niet alleen in zijn effect, maar zeker ook bij het openbreken van nieuwe wetenschappelijke inzichten. En om zaken los te laten, moeten we creatief zijn. Dat kan met kunstvormen, met muziek en met verhalen. De oproep is dan ook: deel je verhalen in de organisatie waar je werkt. Vertel wat je meemaakt. Anderen leren er misschien net zoveel van als van een training of managementsessie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *