De slimste in de kamer krijgt zelden de voorzittershamer

Als jonge academicus, werkzaam in het bedrijfsleven, wil je natuurlijk graag hogerop komen en met je doctoraat in de nanobiologie ligt de toekomst voor je open, althans dat denk je. En in de praktijk betekent “hogerop komen” bijna altijd een leidinggevende functie. In de praktijk is het als kennis-specialist behoorlijk lastig om manager te worden. De belangrijkste reden  waarom dat lastig is, is dat jijzelf je grootste sta-in-de-weg bent. Dit artikel vertelt meer. Onder andere naar aanleiding van het boek ‘Zinloos op de zuidas’.

Axel ter Steeg, general manager bij ARP System International, nam bedachtzaam een slok van zijn koffie en keek Stephanie van Laarakker, zijn HR manager onderzoekend aan. 

‘Ja, ik weet het niet zo goed. Ik vind het een lastige,’ zei Stephanie terwijl ze naar het whiteboard in Axels kantoor keek. ‘In principe is Arend-Jan natuurlijk de beste kandidaat om hoofd van de IT afdeling te worden, hij werkt er al jaren en is volgens mij de beste IT-er die we hebben. Mij lijkt het logisch om hem de baas te maken.’

‘Arend-Jan?’ vroeg Axel verbaasd. ‘Die Arend-Jan die nooit wat zegt, altijd in dezelfde donkergroene ribbroek en lichtblauw overhemd loopt? Het zou me niet verbazen als hij de secretaris van een christelijke korfbalvereniging is. Mijn god, alsjeblieft niet. Ik heb geen idee wat die Arend-Jan eigenlijk doet, als ik hem wat vraag krijg ik nooit een antwoord maar zit ik voor ik het weet in een principiële discussie, die heeft werkelijk geen enkel gevoel voor de business.’

‘Ehh’, begon Stephanie, maar Axel ging door.

Wat mij betreft geven we de baan aan Madelon. Madelon is een groot talent, ze werkt pas kort bij ons maar ik heb al een sterretje naast haar naam gezet.’

‘Je bedoelt Madelon van Marketing?’

‘Precies, een beetje leven in de brouwerij.’

‘Ehhm, ja dat kan je wel zeggen ja, weet je nog dat ze bij de vorige afdelingsborrel bij de Blauwe Engel op de bar stond te dansen?’

‘Ja, Work Hard, Play Hard.’

‘Om half zes?’

‘Met Madelon kun je tenminste een beetje lachen, ja, ik ben eruit, zij krijgt de baan.’

‘Maar ze weet niks van IT’

‘Dat hoeft ook niet, daar heeft ze seniors als Arend-Jan voor, zij moet leidinggeven. Als jij het even in orde maakt dan loop ik zo meteen naar haar toe. Mooi, dank je wel Stephanie.’ Axel pakte mijn telefoon van zijn bureau en zocht het nummer van Madelon. Hij draaide zijn hoofd even naar Stephanie terwijl hij de telefoon tegen zijn oor hield. ’Ehhh, dank je Stephanie, we zijn er wel uit.’

Waarom is de hoogste baas van het bedrijf niet ook de aller intelligentste van het bedrijf, of degene met de hoogste opleiding? 

CEO’s zijn vaak juristen of hebben een financiële opleiding, ze zijn maar zelden moleculair bioloog of theoretisch natuurkundige. Ik heb mezelf, gepromoveerd biochemicus, die vraag wel eens gesteld en ik denk dat veel beta’s dat ook doen of ooit hebben gedaan. 

In de scene hierboven tussen de general manager Axel en de HR manager Stephanie wordt ene Madelon, die ongetwijfeld een paar mooie, sterke punten heeft maar werkelijk niets van IT weet, tot manager van de IT afdeling benoemd. Terwijl Arend-Jan, de senior IT-er, gepasseerd wordt. Dat is natuurlijk gebaseerd op allemaal verkeerde redenen, maar het gebeurt wèl.

Wat is dat toch met “kennis-gedreven” mensen en carrière maken?

Als jonge academicus, werkzaam in het bedrijfsleven, wil je natuurlijk graag hogerop komen en met je doctoraat in de nanobiologie ligt de toekomst voor je open, althans dat denk je. En in de praktijk betekent “hogerop komen” bijna altijd een leidinggevende functie. In de praktijk is het als kennis-specialist behoorlijk lastig om manager te worden. De belangrijkste reden  waarom dat lastig is, is dat jijzelf je grootste sta-in-de-weg bent.

Om een (beta)-studie of een promotie succesvol af te kunnen ronden heb je een onwrikbaar geloof in “de waarheid en niets dan de waarheid” nodig. De wetenschappelijke methode verondersteld een soort universele waarheid die door middel van hypothesen en experimenten bevestigd dan wel gefalsificeerd kan worden. Dit geloof selecteert mensen die graag eindeloos willen haarkloven over allerlei details en er enorm veel genoegen in scheppen om lekker te discussiëren. Niet om iets op te lossen of om ergens uit te komen, nee gewoon voor de waarheidsvinding.  Als manager heb je hier niets aan, sterker nog, het is een last. Managers moeten durven beslissingen te nemen over dingen die ze niet overzien en die niet analytisch op te lossen zijn. In het echte leven is er gewoon geen universele waarheid.

Dan is er natuurlijk nog de onhebbelijke eigenschap van intelligente mensen, om te denken dat iedereen alles net zo snel snapt als zijzelf en dat het heel vermoeiend is om met “domme mensen” te werken. Je maakt er geen vrienden mee en je schiet er niets mee op. Als je echt slim bent, kun je alles aan iedereen uitleggen. In de praktijk bepaalt de langzaamste schakel in de keten de snelheid en niet de slimste. Je loopt zelfs het risico dat mensen jou een arrogante wijsneus gaan vinden en dat is wel het laatste wat we moeten willen. 

Veel beta’s denken dat de waarheid zichzelf wel verkoopt en geen reclame nodig heeft. Als je heel goed bent in je vak, dan is dat voldoende voor een glanzende carrière. “Goede wijn behoeft geen krans”. Denk daar nog eens over na als je in de supermarkt voor de schappen met wijn staat. Kies jij niet eigenlijk ook gewoon op basis van het etiket? De harde werkelijkheid is dat je zonder mooie verpakking gewoon niet gezien wordt, en als je niet gezien wordt besta je niet. 

Beta’s hebben geen gevoel. Managers daarentegen moéten gevoel hebben voor mensen en de organisatie. (Ik hoor u al sputteren. “Managers? Gevoel?” en inderdaad er zijn heel veel slechte managers, maar daar gaat het hier niet over). Managers organiseren het werk, ze zetten mensen en middelen in om de gestelde doelen te halen. Als manager moet je dus rekening houden met de belangen van de andere mensen in de organisatie, en dan vooral die mensen die jij nodig hebt om hogerop te komen. Veel beta’s hebben moeite met de relatie-kant van het werk, maar als je graag manager wilt zijn zul je daar goed in moeten worden. Aan die kant gelden nou eenmaal andere wetten dan aan de kant van de wetenschap. Kortom, je intelligentie en je beta-opleiding zijn eerder een last dan een startkwalificatie voor je managers loopbaan. 

Is er dan nog wat aan te doen? 

Jazeker, maar er zijn grenzen en niets is gratis.

Aanpassen

Om manager te kunnen worden is de verpakking belangrijker dan de inhoud. Voor beta’s is dat nogal wat, alfa’s weten niet beter. En die verpakking is zowel letterlijk als figuurlijk. De letterlijke verpakking gaat over hoe je eruit ziet en welke kleren je aanhebt. Er zijn nu eenmaal conventies over hoe managers eruit zien. Die verschillen van bedrijf tot bedrijf, maar als je erbij wilt horen moet je je aanpassen aan de groep. Dus, trek een pak aan, met of zonder stropdas, of draag hoge hakken en een parelkettinkje. Doe mee met de kantoorhumor, ga naar de afdelingsborrels (we zeiden het al, niets is gratis) en word vriendjes met de andere managers.

Opvallen

De figuurlijke verpakking is iets subtieler. Het gaat er hier om dat je gezien wordt, dat andere managers weten wie je bent, wat je doet en wat je talenten zijn. Denk niet dat jouw intelligentie en verstandelijke vermogens voldoende zijn. Jij weet misschien wel wat jij allemaal zou kunnen doen met je onmetelijke cognitieve capaciteiten, maar verder weet niemand dat. Tenzij iemand (jij?) het hen vertelt. Dus, deel je plannen en je ideeën en deel vooral je successen. Hang je eigen slingers op, sla op de trommel, sla jezelf op de borst, kortom zorg ervoor dat je gezien wordt en dus bestaat. (Qui me videt, ergo sum)

Luisteren

Dan is er nog die andere vaardigheid, waarvan iedereen denkt dat managers het niet kunnen, namelijk luisteren. Mijn mening is dat managers juist heel goed kunnen luisteren. Ze zijn alleen heel selectief waar ze dat doen. Als jonge manager is er maar weinig dat belangrijker is dan uit te vinden wat jouw leidinggevende, of die daarboven, nodig heeft. Alle managers hebben problemen (geloof me, managers hebben geen uitdagingen, managers hebben gewoon problemen), alle managers zijn onzeker en “van binnen bang”. Hoe hoger in de hiërarchie, hoe sneller je ontslagen wordt tenslotte. Help je manager, en help daarmee jezelf. En je hoeft alleen maar goed te luisteren om dat te kunnen doen. Probeer uit te vinden wat jouw manager wil bereiken, wat zijn problemen en angsten zijn en hoe jij hem daarbij kunt helpen. Niet door te vragen, maar door te luisteren.

Evengoed geldt dat luisteren naar jouw ondergeschikten van onschatbare waarde kan zijn. Jouw mensen hebben vaak jarenlange ervaring, weten precies wat wel en niet werkt en weten dat de praktijk vaak anders is dan wat er in de handboeken staat. Door te luisteren krijg je toegang tot die kennis en ervaring en kun je heel veel draagvlak en loyaliteit creëren. 

Dus kort samengevat; aanpassen, opvallen en luisteren.

Manager worden, het lijkt zo’n logische carrière en het lijkt de enige weg omhoog in veel bedrijven. Maar wil je het ook echt? Anders gezegd, ben je bereid de prijs te betalen die aan het managersschap hangt? Dan hoef je alleen maar te doen wat hierboven staat.

En anders ga je gewoon doen wat je leuk vindt of desnoods waar je goed in bent.

Gern Huijberts is de auteur van “Zinloos op de Zuidas”, een humoristisch boek waarin het alledaagse kantoorleven beschreven, geanalyseerd en gefileerd wordt. Hij is ruim vijfentwintig jaar werkzaam als manager in het internationale bedrijfsleven. Het boek is te koop als e-book bij bol.com en als paperback bij mijnbestseller.nl

Er is ook een Facebookpagina van het boek: https://www.facebook.com/Zinloos-op-de-Zuidas-828042717577367/

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *