Certificering van coaches niet objectief

Bij de certificering van coaches spelen codes een rol: de regels die certifceerders toekennen aan ‘ een goede coaching’. Vaak worden codes gepresenteerd als waarheden, als objectieve criteria waaraan niet te tornen valt. In zekere zin kunnen we dergelijke waarheden zien als uitingen van verborgen ideologieën. Zo wordt een goede coach vaak gezien als iemand die vooral veel vragen stelt. Terecht merkt Marjan de Ruyter op (zie http://www.jongebazen.nl/2006/08/11/geef-maar-gewoon-antwoord/) dat trainees soms ook gewoon een antwoord nodig hebben.

Er is een belangrijk probleem bij certificering van coaches, mediators en trainers, dat zich als volgt laat omschrijven. Laten we ons in dit artikel eens richten op coaching. Bij de certificering van coaches spelen codes een rol: de regels die certifceerders toekennen aan ‘ een goede coaching’ . Die regels berusten op gewoontes, invalshoeken en afspraken. 

Is dit altijd duidelijk? Nee. Vaak worden codes gepresenteerd als waarheden, als objectieve criteria waaraan niet te tornen valt. In zekere zin kunnen we dergelijke waarheden zien als uitingen van verborgen ideologieën. Zo wordt een goede coach vaak gezien als iemand die vooral veel vragen stelt. Terecht merkt Marjan de Ruyter op deze weblog op dat trainees soms ook gewoon een antwoord nodig hebben. 

Het spanningsveld tussen doelen en vragen is een van de gevolgen. Organisaties willen trainees vaak ergens naar toe begeleiden. Veel certificeerders denken dat dat alleen vragenderwijs en met goed luisteren kan. Papa met de pijp, of de begripvol hummende moeder zouden in dat beeld kunnen vallen. Maar trainees willen soms antwoorden, en ook confronteren, bijvoorbeeld door expliciet commentaar te geven op iemands gedrag vanuit de doelen kunnen daar onderdeel van uitmaken. 

Het geeft maar aan dat de criteria voor een goede coach moeilijk vast te stellen zijn. De contexten kunnen een zeer belangrijke rol spelen. Ondertussen doen veel certificeerders alsof ze het recept kennen van de goede coaching. Dat is niet altijd zichtbaar, en ze zijn zich er soms ook niet van bewust. Het gaat om beelden en opvattingen die in bepaalde subculturen als vanzelfsprekend gelden, en dus ook door certificeerders onbewust worden gedeeld. Ze liggen verborgen in de criteria en oefenen dan ook een verborgen werking uit op certificeerder en kandidaat. 

Het onbewuste karakter ligt dan niet zozeer in de codes omtrent coaching, maar in de eenzijdigheid daarvan. Men ervaart de eigen criteria niet als betekenistoekenning maar als de natuurlijke waarheid, vaak ook als men zegt van niet. Het achterliggende, meestal zakelijke belang wordt al helemaal niet zichtbaar. 

Dus waarom toch certificaten vertrouwen bij moeilijk te meten disciplines als coaching, training en mediation?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *