Tag: Leiderschap

Bij diversiteit speelt het buikgevoel een onbetrouwbare rol

Onlangs gaf ik in een bekende organisatie een interactieve lezing over een praktischer benadering van diversiteit en inclusion op de werkvloer. Het bedrijfsmagazine interviewde me. De interviewer verraste me met zijn vragen, die wat meer gingen over de achtergronden van mijn boeken, dan om  de inhoud van één boek. Hieronder het interview, dat meerdere pagina’s van het blad in beslag nam.

De onderwerpen in uw boeken zijn voor een managementtrainer niet alledaags. Zo heeft u het in Het Flitsbrein over intuïtie en het brein. Daarna schreef u drie boeken over diversiteit, waarin het brein, hormonen, evolutie, de Nederlandse cultuur en spiritualiteit een rol speelt. Wat moet een manager daar allemaal mee? Die wil toch alleen maar goede cijfers scoren met zijn teams?

Man-vrouw-verdeling in de top 70-30? Te slap! Maak er 50-50 van!

‘Mannen en/of vrouwen’ is een boek over mannen en vrouwen. Over hun manier van samenwerken in de 21steeeuw. Want daar valt veel over te vertellen. Een voorbeeld: je hebt een mannenteam of een vrouwenteam. En je verandert zo’n team in een gemengd team; een team van mannen én vrouwen. Volgens een onderzoek kan dit zomaar leiden tot een omzetstijging van veertig procent

Dat is nogal wat. Ik ging dan ook onmiddellijk twijfelen aan het waarheidsgehalte van dit bericht toen ik het las. Was dit het zoveelste ‘wetenschappelijke’ artikel, dat met een sensatiebericht kwam, alleen maar om publiciteit te krijgen? Of was het nog erger: iets wat te vergelijken was met reclames waarin acteurs in witte doktersjassen jokkebrokten dat het aangeboden product wetenschappelijk aantoonbaar 95% beter is dan alle andere vergelijkbare producten?

Boek van de week

Opleidingen

Bekijk alle opleidingen

Switchend leiderschap: futureproof, ontwikkelingsgericht en een stimulans voor diversiteit!

Ieder teamlid heeft behoefte om op een bepaalde manier te worden aangestuurd. Maar als 21eeeuwse organisatie wil je graag dat je mensen zelfstandig en initiatiefrijk zijn en verantwoordelijkheid nemen, en dat ze daar ook op kunnen reflecteren. Om ze op dat level te krijgen, moet je als organisatie aansluiten op hun leiderschapsbehoefte, dat is: de wijze waarop ze aangestuurd willen worden. Van daaruit ontwikkel je ze verder.

Dat vereist van de leidinggevende het vermogen om snel te schakelen, empathie om goede inschattingen te maken van het niveau van een medewerker en deskundigheid op het gebied van diversiteit. Dit laatste om effectief te kunnen zijn bij het verbinden van teamleden met een verschillende genderidentiteit, nationaliteit en culturele of spirituele achtergrond.

Vacatures

Manager Geotechniek (Utrecht)

Voor de vestiging Utrecht van een snel groeiend innovatief en eigentijds Ingenieursbureau zijn wij op zoek naar een enthousiaste, commerciële en communicatief vaardige Teamleider Geotechniek d... Bekijk alle vacatures

Advertorial

Help, mijn baas is een narcist!

Je hebt er vast wel eens over gehoord, CEO’s van grote bedrijven zijn allemaal narcisten. Verschrikkelijke managers die zichzelf helemaal geweldig vinden, totaal geen gevoel voor hun medewerkers hebben, nietsontziende machtswellustelingen die met hun hang naar succes onverantwoorde risico’s nemen en zo hele bedrijven aan de rand van de afgrond brengen.

En die zijn er.  Zonder enige moeite kun je op internet lijstjes vinden met bekende namen van narcistische CEO’s. Gelukkig heb met die mensen in de praktijk waarschijnlijk maar weinig te maken. Maar wat nu als je denkt dat jouw leidinggevende een narcist is, hoe herken je dat en hoe kun je daarmee omgaan?

Leidinggeven aan kennisspecialisten, waarom is dat nou zo lastig?

Nederland transformeert zich naar een kennis-economie, technologische innovaties zijn aan de orde van de dag en als we niet investeren in nieuwe technologie dan missen we de boot.

Om het steeds snellere tempo van de innovaties bij te kunnen benen zijn hoogopgeleide specialisten nodig. Het is al een probleem op zich om die specialisten te vinden, maar als je ze eenmaal hebt, hoe hou je ze dan en hoe zorg je ervoor dat ze bijdragen aan het succes van het bedrijf? 

In de onderstaande scene uit mijn boek “Zinloos op de Zuidas” wordt de problematiek van het leidinggeven aan kennisspecialisten kort geschetst. Madelon is de nieuwe manager van de IT afdeling en ze heeft net een teamdag met haar medewerkers gehad. Axel is de general manager van het bedrijf.

Diversiteit moet je doen

Gisteren sprak ik in Limburg een manager, wiens organisatie ik 15 jaar geleden begeleidde. Net als tegenwoordig ging het destijds om samenwerking en resultaatgerichtheid, in dit geval een technische omgeving, waar een erfenis van zelfsturende teams ervoor had gezorgd dat teams steeds slechter waren gaan afstemmen met elkaar. In de teams zelf liep het ook niet lekker, want er ontstond een informele pikorde, waarbij de hardste schreeuwers de stille krachten overschreeuwden.

Die onderlinge afstemming is een permanent punt van verbetering in vrijwel iedere organisatie. Je hebt mensen nodig die dat bewaken. Veel leidinggevenden zijn vooral bezig met hun eigen medewerkers; het contact met collega-managers beperkt zich meestal tot een paar mensen. Vaak heeft dat te maken met voorkeuren. Die ligt me wel, en die ligt me niet. Hoe geaccepteerd dat ook is, wenselijk is het niet.

De slimste in de kamer krijgt zelden de voorzittershamer

Als jonge academicus, werkzaam in het bedrijfsleven, wil je natuurlijk graag hogerop komen en met je doctoraat in de nanobiologie ligt de toekomst voor je open, althans dat denk je. En in de praktijk betekent “hogerop komen” bijna altijd een leidinggevende functie. In de praktijk is het als kennis-specialist behoorlijk lastig om manager te worden. De belangrijkste reden  waarom dat lastig is, is dat jijzelf je grootste sta-in-de-weg bent. Dit artikel vertelt meer. Onder andere naar aanleiding van het boek ‘Zinloos op de zuidas’.

‘Hou je feedback eens dicht, man!’

‘Jij moet eens ophouden met die klotengrapjes van je tegen die jongen’ hoorde ik. Ik zat te genieten van een veel te warme februarizon vorige week, toen op het balkon van mijn achterbuurman een schelle stem de onophoudelijke stroom middelmatige popmuziek overstemde. Er waren op een vrije zaterdagochtend werkmannen aan het werk. Drie jongens van, naar zij zelf beweerden, een bonafide bedrijf, timmerden met hun gereedschappen de genoeglijke weekendrust naar de wensdromen.

‘Die jongen doet niks verkeerd. Die werkt hier nog maar pas, en die moet je potverdorie helpen, in plaats van dat je hem behandelt als een Zuideuropese asielhond.’

Wat moet je als leidinggevende met de spirituele diversiteit in je team?

Uit meerdere gesprekken is mij gebleken dat mijn laatste boek ‘Goden en goeroes’ door lezers verrassend wordt gevonden. Een aantal van hen heeft niets met spiritualiteit, en dacht dat ik een of ander zweverig boek had geschreven. Maar het boek gaat over leiderschap in bredere zin. Hoe begeleid je teams waarin mensen verschillende spirituele en religieuze achtergronden hebben? Een zeer actueel thema in organisaties, alleen nog niet zo opgemerkt.

Ondertussen heeft het veel invloed op teams, en bestaande teambuildingsprogramma’s doen er erg weinig mee. Ik zelf vind leiderschap echt beter worden, als een manager iets begrijpt van gender- en cultuurverschillen, maar hij kan zich nog verder verbeteren als hij meer weet van spirituele diversiteit. Het maakt hem niet alleen tot een specialist in omgang met inclusie, maar schakelt als leidinggevende ook heel gemakkelijk tussen de verschillende leiderschapsstijlen. Ik noem dit met een splinternieuw woord ‘switchend leiderschap’. 

Mag een blanke man zich met diversiteit bemoeien?

Als ‘witte man’ wordt mij regelmatig gezegd, dat ik niet zo geschikt ben om het onderwerp van diversiteit aan de orde te stellen. Ik ben immers ‘main stream’, ondervind in de Nederlandse samenleving vooral voordelen van mijn blanke identiteit, van mijn man zijn en van mijn hetero zijn, dus ben ik ongeschikt voor het thema inclusie.

Ik vind dit onzin. Juist ‘mijn’ identiteit moet zich hard maken voor inclusie en diversiteit. Daarbij zit het gewoon niet in mij, om mensen die anders zijn dan ik niet als mensen te zien. Voor mij, ik ben zo opgevoed, is iedereen echt gelijk. Mijn grootvader had hierin een belangrijke rol. Hij benadrukte metterdaad dat we allemaal mensen zijn, en snoeide iedere vorm van discriminatie met de heggeschaar van zijn warmte. Een schitterend voorbeeld.