‘Mij valt niets meer te leren’ is kul

In mijn werk kom ik het nogal eens tegen. Een klein deel van de oudere medewerkers (echt niet allemaal), die menen alles al gezien te hebben, en die, zoals zij met de overtuiging van een 20eeeuwse vakbondsbaas laten weten, niets meer kunnen leren. Alles is al een keer de revu gepasseerd, er is niets nieuws meer onder de zon en hun geest is een vaste en onveranderlijke klomp geworden, een loodzware massa die met geen 200 bulldozers van zijn plaats te krijgen is.

Als er iets nieuws binnenwappert in de organisaties waar ze werken, beginnen zij met het optrekken van een wenkbrauw, meestal gevolgd door een zucht, en als zij zich nog niet te oud voelen voor wat ontvlambaarheid breien zij een woordensjaal van weerstanden. Anders zuchten ze nog een keer, en schudden meewarig het hoofd, alsof de bedenkers van al dat nieuws zojuist zijn ontslagen uit de gesloten afdeling van een psychiatrische inrichting.

Mij valt niets meer te leren, ik weet alles al, stralen ze uit, en ik weet het beter dan alle anderen. Wat nogal aanmatigend is, omdat zelfs de meest arrogante wetenschappelijke promovendus weet dat er een grens zit aan ons weten. Maar daaraan storen deze oudere medewerkers zich niet. Ze hebben jaren geleden de academici al kaltgestellt met het verwijt dat ze tot de elite behoren, en die elite, dat is a priori een stel geheimschrijvende misdadigers. Ook wijzen ze er graag op, dat ervaring belangrijker is dan ‘boekenkennis’, wat op het eerste gezicht een waarheid als een koe lijkt. Bij nadere beschouwing blijkt dat ze deze ‘waarheid’ te pas en te onpas toepassen op iedere teamleider, die niet uit hun eigen gelederen komt

Ze beginnen wel steeds meer tot de uitzonderingen te behoren, de mensen die zelfvoldaan brommen dat ze alles al weten, want wie denkt dat het leren voorbij is, is bijna geschiedenis geworden. Twintig jaar geleden kwam dit type ‘medewerker met weerstand’ veel meer voor. Maar ze staan steeds meer alleen, mede omdat mensen om hen heen zich zich door hun praatjes voelen als vliegen in vleesjus. Het is namelijk helemaal niet leuk om continu verzet te moeten bieden aan de plannen van je organisatie. En zinvol is het ook niet, want de verandering gaat toch door, en het enige dat je doet is jezelf met mentaal zoutzuur overgieten.

Het doet een beetje denken aan mensen die zogenaamd maatschappelijk geëngageerde opvattinkjes debiteren over Facebook, of petities tekenen omdat ze niet willen dat mensen ijs eten op winterdagen. Hun enige drive lijkt de energie die anderen hebben om iets op te zetten, torpederen alsof het verdachte spionageactiviteiten zijn.

Afgezien hiervan geeft het moderne hersenonderzoek ze trouwens ongelijk. Onze hersenen zijn er tot op hoge leeftijd toe in staat dingen te leren, sterker nog, het wordt zelfs aanbevolen dit te doen, zoals het ook wordt aanbevolen te bewegen. En juist de levenservaring vertelt ons dat permanent leren een noodzaak is, waar we ook biologisch uitstekend voor toegerust zijn, want we hebben het met het gedierte des velds gemeen dat we ons hebben aan te passen aan de biotopen waarin we rondlopen. Naar mate je langer meeloopt op deze doldriest rondtollende planeet, maak je meer mee, en je hebt je bijvoorbeeld te verzoenen met het verlies van geliefden en met een lichaam, dat stukje bij beetje iets inlevert op fysieke en mentale kwaliteiten.

We leven bovendien in een tijd, die de ene verandering na de andere op ons neer laat dalen. Wie dan denkt dat hij rustig kan blijven zitten waar hij zit, zonder zich te verroeren, is als iemand die plaatsneemt in een achtbaan en denkt dat het een strandstoel is, waarin hij de rest van de middag relaxed naar de slaapverwekkend deinende oceaan kan staren.

Leren is mogelijk tot op hoge leeftijd. Je hoeft het niet te doen natuurlijk. Je kunt rustig als een plant afwachten tot de weersomstandigheden zodanig worden, dat je vanzelf groeit. Maar weet dan, dat planten kunnen verdorren, als ze niet in de zon staan. Dus hou op met de inmiddels achterhaalde ideeën dat je niets meer kunt leren, want het is kul en vooral een uiting van de luiheid van het menselijk brein. Nooit aan toegeven, want dan verander je in een uitstervende diersoort, waar niemand voor opkomt, omdat mensen blij zijn dat het uit hun biotoop is verdwenen.

Bert Overbeek is coach en trainer. Zijn begeleiding van teams en ‘mensen met weerstand’ staat bekend als zeer succesvol. Ook is hij een deskundige op het gebied van diversiteit. ‘Mannen en/of vrouwen’, ‘Diversiteit’ en ‘Goden en goeroes’, zijn boeken hierover, haalden allemaal de top 10. Bert is te boeken via pitcher.support@hetnet.nl 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *