Moderne leiders kunnen niet meer om het klimaat heen!

De leider van de toekomst kan echt niet meer om het klimaat heen. Op dit punt verandert de wereld in hoog tempo. Waar het milieu lang weggezet kon worden als een ‘linkse hobby’, zien we overal op de wereld intussen de gevolgen van bewust en onbewust menselijk gedrag. Er zijn nog wel mensen, die met een beroep op de wetenschap, proberen de klimaatcrisis te ontkennen, maar dat wordt steeds minder serieus genomen. Leiders van de toekomst zullen niet langer als ‘links’ te boek staan, als ze het milieu serieus nemen bij hun besluitvorming en beleidsbepaling. Maar zover zijn we nog niet.

Al zie je het nodige gebeuren. Op 27 november 2018 kwam NOS-redacteur Binnenland Heleen Ekker met een artikel op de NOS-site waarin ze de Nederlandse top 10 van meest vervuilende bedrijven opsomde. De tien bedrijven uit deze top 10 zijn verantwoordelijk voor de helft van de totale Nederlandse CO2-uitstoot, en ze stoten drie keer zoveel CO2 uit dan alle Nederlandse huishoudens samen. Het gaat om energiecentrales, Tata Steel, de Shell-raffinaderij, het chemiebedrijf Chemelot en Yara, die op hun website vertellen dat ze doen in kunstmest, gewasvoeding en ‘chemische en milieuoplossingen’

.

De top 10 van bedrijven die het meeste uitstoten in Nederland:

  1. RWE Eemshaven centrale
  2. Uniper centrale Maasvlakte
  3. Tata Steel IJmuiden
  4. Chemelot
  5. Nuon Power Velsen
  6. Shell Nederland Raffinaderij
  7. Yara Sluiskil
  8. RWE Amercentrale
  9. ENGIE Centrale Rotterdam
  10. Nuon centrale Hemweg

 

Ik weet niet of iemand het bemoedigend vindt dat geen van deze bedrijven, op Shell na, in de mondiale top 20 van de grootste vervuilers voorkomen. In volgorde van nummer 1 tot nummer 20 zijn dit: Saudi Aramco, Chevron, Gazprom, Exxon Mobil, National Iranian Oil Company, British Petrol, Shell, Coal India, Pemex, Petroleus de Venezuela, Petro China, Peabody Energy, ConocoPhillips, Abu Dhabi National Oil Company, Kuwait Petroleum Corp, Iraq National Oil Company, Total, Sonatrach, BHPBiliton en tenslotte Petrobras.

Het artikel van Heleen Ekker gaat in op een VN-rapport van dat moment. Om de opwarming van de aarde onder de 2 graden te houden, moeten landen hun inspanningen verdrievoudigen, vertelt ze. Maar de uitstoot van onze top 10’ers is volgens de Nederlandse Emissie Autoriteit alleen maar gestegen. Belangrijk is dat het artikel duidelijk laat zien dat het anno 2018 (en al helemaal anno 2020) niet goed is voor je reputatie als organisatie om in dit soort top 10-lijstjes te staan. Topman Theo Harrar van Tata Steel gaf dat ook onomwonden toe: ‘Bij het maken van staal komt veel CO2 vrij.’  Hij zegt in het artikel ook dat zijn organisatie heel hard aan het werk is om te verduurzamen. Hij noemt een samenwerkingsplan dat hij heeft gepland met de chemische industrie. Hierdoor zou er ‘een gesloten kringloop’ ontstaan waardoor er geen CO2 meer zou vrijkomen.  Tata Steel heeft prachtige lange termijn plannen voor 2030, wanneer de CO2-uitstoot moet worden teruggebracht met 5 miljoen ton, en voor 2050, wanneer staal dat met waterstof is gemaakt de vervuiling van het productieproces flink reduceert.

Het klimaat behoort tegenwoordig tot je reputatiemanagement als organisatie, zoveel is duidelijk. Op dit gebied zie je organisaties steeds meer braaf gedrag gaan vertonen. Vliegtuigmaatschappijen laten je bomen planten, wat op zich een goed initiatief is, maar het weegt natuurlijk niet op tegen de enorme hoeveelheid broeikasgassen, die hoog in de lucht wordt uitgestoten. Maar de bomen geven je toch het idee dat er wordt nagedacht over het klimaat. Dat wordt er ook wel, maar helaas nog te vaak alleen vanwege de reputatie.

Wat die reputatie aangaat: een AD-artikel van 31 mei 2018 laat weten dat Unilever, Philips, KPN en ABN Amro tot de 41 organisaties behoren, die willen dat hun werknemers ‘de vervuilende auto’ laten staan. Maar is dat alleen reputatiemanagement, of ook werkelijke klimaatzorg? Laten we eens kijken. Bij Unilever staat deze klimaatverbeterings-’intentie’ nogal in contrast met het door Greenpeace en ‘Welingelichte kringen’ gesignaleerde gegeven dat het bedrijf de grootste plasticvervuiler is van de Filipijnen. KPN timmert stevig aan de klimaatweg, maar de organisatie heeft al wel haar netwerk klaar voor 5G, en daarover bestaat nog veel zorg, hoewel 67% van de Nederlanders 5G wel ziet zitten. Niettemin riepen liefst  63 000 wetenschappers eind maart 2019 de bedrijven op, om te stoppen met het draadloze 5G-netwerk. De zogenaamde radiofrequente straling zal er enorm door toenemen, was hun argument, en deze RF-straling is schadelijk gebleken voor mens en milieu. Maar men is het er ook weer over eens dat we in huis veel meer straling om ons heen hebben dan in de buitenlucht, ook na het plaatsen van de 5G-zendmasten. KPN hoor je er niet over; die zorgen gewoon dat ze straks de markt bedienen. Verder is de club wel overgegaan op groene stroom, dus ze zijn echt wel met het klimaat bezig. ABN Amro begint het milieu steeds vaker te noemen in publicaties, en of dat alleen maar reputatiemanagement is weet ik niet. In de zomer van 2018 meldde de Volkskrant nog dat de bank (net als zijn concurrenten) tot zijn nek in de palmoliebedrijven zat, die zich schuldig maken aan schendingen van mensenrechten en het kappen en platbranden van oerwoud.

Ook Philips heeft -ondanks het loffelijke streven om medewerkers uit de auto te krijgen-wel wat boter op het hoofd, al moet gezegd dat de meeste klachten over Philips op het internet dateren van de jaren ‘10. Door inmenging van het bedrijf zijn de kwikhoudende TL-buizen recent veel langer op de markt gehouden, dan volgens wetenschappers goed was voor het milieu. Philips vond echter dat een volledige afschaffing van het TL-licht juist slecht was voor het milieu, maar het internetmedium Follow the money gelooft daar weer niet zoveel van. Het medium denkt dat Philips het maken van winst belangrijker vindt dan duurzaamheid.

Wie hier gelijk heeft, is wel relevant maar ik wil even de aandacht vestigen op iets anders: je merkt gewoon dat duurzaamheid niet langer genegeerd kan worden door bedrijven. Dit maakt ze nog niet 1, 2, 3 duurzamer, maar dat er iets moet en gaat gebeuren de komende jaren, lijkt duidelijk. Een switchende leider, de leider van de toekomst, is dus klimaatbewust, en niet alleen vanwege de reputatie van zijn organisatie, maar omdat hij verder kijkt dan zijn neus lang is. Zijn aandachtsgebied is niet alleen de eigen tribe of organisatie, maar hij levert een bijdrage aan een betere wereld. En dat voorziet weer in de wensen, behoeftes en verlangens van wat jonge mensen aangeven. Zij hoeven niet zo nodig alleen maar geld te verdienen; hun ambities gaan uit naar werk dat een meerwaarde heeft voor de samenleving. Vanuit het besef dat er op dat gebied iets moet veranderen in de wereld, en dat organisaties daar een bijdrage aan kunnen leveren.

Duurzaam leiderschap is dus niet alleen leuke opvattingen verkondigen, deelnemen aan wat splinteractietjes, filmpjes verspreiden of delen via internet, of leuke uitspraken op toilettegels citeren maar duurzaam leiderschap betekent vooral ook actie en een voorbeeldfunctie. Omdat leiderschap primair persoonlijk leiderschap betekent, kan je als leider beginnen met je eigen levensstijl. Op internet vind je heel wat artikelen over de acties, die je zelf kan initiëren in verband met de klimaatcrisis. Ik doe hier een voorbeeld bij; dan heb je als switchend leider zelf een mooi arsenaal aan dingen waaruit je duurzame levensstijl blijkt. Bovendien kan je je medewerkers ook een stuk duurzamer maken. Een wetenschapsbijlage van Het Laatste Nieuws uit Vlaanderen zet maar liefst 16 dingen op een rij die je zelf kan doen, die goed zijn voor het klimaat (https://www.hln.be/wetenschap-planeet/milieu/16-dingen-die-jij-kan-doen-om-het-klimaat-te-redden~a37f105b/) Loop dit rijtje eens langs, en check eens hoe je ervoor staat.

  1. Ga dichter bij je werk wonen. In 2017 woonde 62% van de Nederlanders niet in de gemeente waar ze werkten. De gemiddelde afstand die Nederlanders per dag afleggen naar hun werk is 22,6 kilometer.
  2. Schrap je vliegvakantie. Een gemiddeld huishouden stoot 23 000 kilogram CO2 uit per jaar. Een vliegreis naar Bali produceert 4000 kilogram CO2; een vliegreis naar Nice 250 kilogram. Een treinreis naar Nice maar 25 kilo. Een auto daarentegen 600! Wat mij dan ook verbaast, is dat we zo ingewikkeld doen over vliegen, maar de auto sparen. Wie voor carpoolen of het OV pleit, wordt weggehoond of uitgelachen, maar ondertussen mopperen we op onze boeren en op de vliegtuigen. Consequent zijn betekent op verschillende fronten tegelijk bezig zijn.
  3. Pomp je autobanden op, zegt het artikel, maar dat is in het licht van punt 2 een bijna lachwekkend advies. Hetzelfde geldt voor het advies bij punt 4.
  4. Pas je rijstijl aan, waarmee bedoeld is: zorg bijvoorbeeld voor de snelheden die milieuvriendelijk zijn. Ook dit is veel te ‘soft’.
  5. Isoleer je woning, zodat je niet als een gek hoeft te stoken. Ook dikkere kleren en dekentjes zijn hierbij handig.
  6. Koop in bulk en koop gerecycled materiaal. Vaker naar de kringloop, waardoor er minder nieuwe producten hoeven te worden geproduceerd.
  7. Wees in veel dingen zuinig met energie, denk hierbij bijvoorbeeld aan korter en minder douchen. En laat kranen niet nutteloos lang doorlopen. Auto’s laten ronken
  8. Eet zo min mogelijk vlees, en liever helemaal geen vlees. De veehouderij levert helaas een substantiële bijdrage aan het broeikaseffect en de klimaatverandering. De gassen die vrijkomen zijn CO2, en het qua broeikaseffect veel heftiger methaangas en lachgas. In veevoer zit echter vaak soja. Voor de Zuid-Amerikaanse sojateelt zetten mensen natuurgebieden om in bouwland. Bij deze omzetting van bijvoorbeeld oerwoud of grasland in bouwland komen veel broeikasgassen vrij uit de bodem. Transport bepaalt ook een deel van de klimaatimpact, want bij het vervoer van vee en veevoer komen ook broeikasgassen vrij.
  9. Duurzaam hout gebruiken in verband met het in standhouden van wouden en bossen. Kies bij voorkeur tweedehands hout, hout uit duurzaam onderhouden bossen en andere vormen van duurzaam hout vind je op het internet als je googlet op ‘duurzaam hout’.
  10. Krijg maximaal 1 kind. Kennelijk vond Het Laatste Nieuws het wat streng om ‘helemaal geen kinderen’ aan te bevelen; iets dat een aantal, vooral jongere mensen wel belangrijk vindt.
  11. Kies apparaten zoals koelkasten met A+++ label; die zijn het meest milieuvriendelijk.
  12. Een laptop is zuiniger dan een computer, dus schakel over op een laptop.
  13. Stel de helderheid van je scherm zo laag mogelijk in.
  14. Trek vaker de stekker eruit. Ook als je geen energie gebruikt, bespaart dat de nodige energie. Stekkers zuigen stiekem energie, en dit noem je ‘sluipverbruik’. Dit kan je tot 70 euro per jaar extra opleveren. En 100 kilogram CO2 per jaar.
  15. Nieuwe technologie helpen ontwikkelen en stimuleren
  16. Wat de verlichting betreft: doe meer lichten uit, gebruik kaarsen en vervang gloeilampen met LED- en spaarlampen.

Na deze lijst van 16 dingen die je zelf kunt doen., wil ik wijzen op dat, wat ik de tussenfase zal noemen. We leven in een tijdperk, waarbij het klimaatbewustzijn groeiende is. Ik ben nu zestig, en het onderwerp is voor mij niet nieuw. Aan het einde van de jaren ’70 waren er echt al wel activisten op dit gebied. Maar het was toen nog meer een politieke discussie, net als de anti-kernenergie- en anti-kernwapendiscussies. Vaak waren klimaatijveraars links, en ‘rechts’ had er destijds geen aandacht voor. Door de jaren heen bleef dit lang zo, maar aan het eind van de jaren tachtig begon NS zich met milieumotieven te profileren. In tijdschriften verschenen artikelen over zure regen, en de uitstoot werd ook benoemd. Het carpoolen kwam op. Er was meer bewustzijn, en het gat in de ozonlaag was ook al in beeld.

Intussen is een deel van ‘rechts’ ook in beweging op het punt van het klimaat. Maar toch is het daar geen prioriteit. Die mentaliteit zien we helaas ook nog bij bedrijven. Het goede klimaatgedrag is, zoals gezegd, nog te vaak een ‘sales dingetje’. Een moderne en switchende leider zal ook hier ontwikkelingsgericht denken. Hij zal organisaties en teams helpen om duurzamer te worden. Maar dan moet je je wel durven laten gelden.

Het is een beetje zoals met de discussie over leiderschap. In de idyllische torentjes van de managementfilosofie wordt wild gesproken over dienend leiderschap, maar de wereld wordt, zoals we zagen, geregeerd door autocraten. Door kapitaal en expansiedrift. Door tribal wars: bescherming van de eigen groep, reactief of proactief, en wel of niet ten koste van de andere groepen. America first. Zo is het ook met het klimaat. Heel veel mensen plaatsen filmpjes, spreuken op Instagram, Facebook of andere sociale media, die de aandacht vestigen op de klimaatproblemen. Gelukkig zijn er ook heel wat mensen die in hun persoonlijke leven veranderingen doorvoeren. Maar wie het klimaat daadwerkelijk wil verbeteren, zal ook naar de genoemde top 10- en top 20-vervuilers toe moeten, om te kijken hoe ze daar de processen kunnen beïnvloeden.

Met andere woorden: je komt er als switchend leider niet met alleen maar dienend leiderschap. Zeker niet in een wereld die zo sterk aan verandering toe is, als de wereld van het klimaat. Organisaties zijn erg gefocust op de digitale veranderingen die plaatsvinden en nog plaats zullen gaan vinden. Daar is volop aandacht voor. En niet alleen vanuit het idee van reputatiemanagement. In mijn optiek is het duurzame aspect van switchend leiderschap net zo belangrijk. Minstens net zo belangrijk, want wat moet je met computers als de aarde schokt en beeft of overstroomt?

Een switchend leider heeft ook oog voor technologische vernieuwing, die tot schonere processen leidt. Hij legt bij innovatie nadruk op het milieuaspect, beperkt het vliegen en autorijden in zijn organisatie door video conferences, thuiswerken, OV-abonnementen en dergelijke. In besprekingen met organisaties die vast willen houden aan vervuilende processen stelt de switchend leider zich krachtig op, maar nooit star. Hij blijft voortdurend zijn standpunten benadrukken, de omgeving spiegels voorhouden, desnoods in eerste instantie via reputatie opmerkingen, maar hij loopt niet weg als besluiten een andere richting in gaan. Integendeel: hij blijft proberen met lange adem zijn invloed uit te oefenen.

Greta Thunberg heeft als fenomeen het nodige bereikt. De wereld is door haar opgeschud als een dekbed. Ze doet mooie dingen. De manier waarop ze de groten der aarde toespreekt dwingt veel respect af, maar niet overal. Veel belangrijke beslissers wenden zich van haar af, omdat ze haar arrogant vinden. Natuurlijk, dat zegt iets over hen, maar het vervelende is dat we die beslissers nodig hebben om iets te bereiken. Zeker, er zijn horizontale bewegingen in de samenleving die veel los kunnen maken, maar we blijven beslissers nodig hebben om onze wereld de goede kant op te sturen. Daarom moet een switchend leider ook hier goed kunnen schakelen, en wel tussen zich duidelijk uitspreken, goed luisteren, goed samenvatten en uiteindelijk ook (tijdelijk) water bij de wijn kunnen doen, en toch vasthouden aan zijn lange termijn visie. Punt is dat we met elkaar over het klimaat in gesprek moeten blijven. Wat we niet moeten hebben, is dat korte termijn-autocraten zich uit klimaatakkoorden terugtrekken om in de lounge van hun denkbeelden tegen elkaar op te scheppen over hun korte termijn successen, en geen oor meer hebben voor de belangen van de mensheid bij een gezonde wereld.

Als afsluiting hiervan nog een voorbeeld. In januari 2020 kwam het Wereld Economisch Fonds bij elkaar in Davos. Het belangrijkste thema was de klimaatcrisis. President Trump was er ook. Hij noemde daar de groep mensen die zich hard maken voor een beter klimaat ‘eeuwigen onheilsprofeten’, en stond daar zijn eigen beleid te verkopen als een ongekende hoogconjunctuur. Wel riep hij (in een vlaag van reputatiemanagement) dat hij ‘het schoonste water en de schoonste lucht’ wil. Ik ben benieuwd hoe de president van de op een na grootste vervuiler dit voor zich ziet. En ik ben niet de enige scepticus. Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz stelde vast dat Trump ‘absoluut niets’ over klimaatverandering zei, ‘en intussen worden we geroosterd’. Een switchend leider moet zich bewust zijn dat dit de wereld is waarmee hij heeft te dealen, en niet alleen de wereld die het met hem eens is over het klimaat. Wil je veranderen, dan moet je deze omgeving in.

Bert Overbeek is de bedenker van switchend leiderschap, een managementstijl die past bij de toekomst, en schreef een aantal top 10 managementboeken over inclusie, het brein en intuïtie. Hij is trainer en coach (zowel voor teams als voor individuen). Op Linkedin vind je zijn profiel en meer informatie. pitcher.support@hetnet.nl 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *