Zelfbeelden zijn vaak breinbedrog

Het gebeurt vaak dat mensen koppig blijven vasthouden aan een gekozen koers. Het is menselijk om dat te doen. Ons brein wil veiligheid en controle voor alles. Een biologisch en meestal onbewust mechanisme. En we doen veel onbewust, meer dan 90 % volgens sommige onderzoekers. Die onbewuste mechanismes zijn veel dieper ingesleten in ons systeem, en functioneren veel onbewuster dan bewuste processen die we hebben aangeleerd. Afwijken van een ingeslagen pad kan nog zo verstandig zijn, we kunnen elkaar nog zo hard vertellen dat we open moeten staan voor veranderingen; toch houden mensen in de praktijk graag vast aan oude veiligheden. Ook houden ze vast aan oude methodes en besluiten. Men durft niet goed af te wijken van een ingeslagen pad.

In ons onbewuste zitten ook de zelfoverschatting en het groepsdenken. Er valt veel te vertellen over de dingen die mensen over zichzelf denken. Om te beginnen zijn zelfbeelden een product van ons denken. De vorming ervan vindt van heel jongs af aan plaats in relatie tot onze omgeving. Dat wat mensen over zichzelf denken hoeft niet te kloppen, en toch bepaalt het hun houding in het leven. Zelfverzekerheid en faalangst zijn er bijvoorbeeld producten van. Als je denkt dat je de beste van de wereld bent, heeft dat veel gevolgen voor je ‘performance’, voor hoe je je gedraagt. Als je jezelf als een zwakke persoon beschouwt, kan dat een enorme onbewuste invloed hebben bij presentaties en examens.

Zelfbeelden zijn gedachten. Het zijn constructen, mentale representaties, die gebaseerd zijn op een merkwaardige werkelijkheid: de werkelijkheid waarin we het non-verbale gedrag van iedereen zien behalve dat van onszelf. Hierdoor is ons zelfbeeld vooral gevoed door onze intenties, de complimenten en kritiekpunten van vaders, moeders, leraren, vrienden, tantes en ooms, etcetera. De kennis die we hebben van ons verleden bepaalt mee. En ook de contexten waarin we ons begeven en hebben begeven. Dat maakt dat ons zelfbeeld veranderlijk is, soms per context of moment. De ene keer voelt het heel sterk aan. De andere keer zien we onszelf als complete mislukkingen. Dat verwachtingen aan onszelf hierbij een rol spelen, behoeft geen verdere toelichting en ze produceren bij voortduring emoties en gevoelens.  En ook houden we omwille hiervan vast aan een gekozen koers. 

Zelfoverschatting, dat een bijproduct is van zelfreflectie, van je zelfbeeld en van je denken (dus niet per sé van ‘de’ werkelijkheid), heeft dus te maken met opvoeding, ervaringen, contexten waarin je je begeeft, het verschil tussen wat anderen en jijzelf bij je zien en het tijdstip van je leven. Het is veranderlijk en heeft invloed op je emoties en op je zelfvertrouwen, maar is het ook betrouwbaar?  En waar meet je dat dan aan af? Ondertussen loop je met veel zelfverzekerdheid of onzekerheid rond op je werk en beïnvloedt het je prestaties en je belastbaarheid.

Managers en medewerkers zijn biologische wezens met geestelijke verlangens en behoeftes, die erg veel onbewust doen maar ik ben het met onderzoekers als Aleman, Sitskoorn en Levitin eens, dat we kunnen leren om de verhouding tussen bewust en onbewust handelen te veranderen. Wie zijn wij mensen nu eigenlijk? Organismen met een chemie. Dat is een meetbaar zekerheidje. We zijn sociale organismes die zich vormen in de wisselwerking met en die zich aanpassen aan of verzetten tegen hun omgevingen, en die daar ook een potentieel voor hebben gekregen. En in dat potentieel zit behalve een zelfbeeldconstruct ook een neiging om ons aan te passen aan de groep. Nog eens: mensen (homo sapiens) zijn sociale wezens. Zonder deze eigenschap waren ze in de evolutie niet veel verder gekomen. Ooit waren onze voorouders niet groter dan een muis, laat Richard Dawkins zien en Daniel Levitin overtuigt ons ervan dat zelfs ons geheugen een tool is waarmee we ons kunnen aanpassen.  

Samenwerken versterkt onze soort. Dat zit diep in onze biologie, en verandert pas als de groep bedreigend voor ons is, andere normen hanteert dan wij zelf en verwachtingen aan ons gaat stellen, die we niet kunnen inlossen. Als we wel kunnen voldoen aan die verwachtingen, is de kans bij 95% van de mensen groot, dat we de groep gaan volgen en onze kritiek op deze groep gaan verliezen, zeker als deze ook nog aan de macht is. En dan is de vraag: hebben wij dit zelf ook door? Het antwoord is: de kans is groot dat wij het niet door hebben. Ook hier is de coronacrisis een mooi voorbeeld. De polarisatie die is opgetreden in onze samenleving tussen ‘reguliere’ denkers en ‘alternatieve’ denkers (niet per sé complotdenkers) is een biologisch fenomeen. Het is tribal, en ontspruit aan de neiging van ons brein veiligheid op te zoeken. Wederom worden we door onze hersenen misleid, net als bij het vasthouden aan een gekozen koers. Wat ook vaak het gevolg is van onze neiging om de veiligheid op te zoeken. 

We hebben elkaar nodig om onze eigen mythes te kunnen ontkrachten. Laten we elkaar dus opzoeken en open staan voor kritiek op onze gedachtes, die meestal niet helemaal kloppen.

Kijk ook even hier: https://www.jongebazen.nl/verandermanagement/blijf-je-ontwikkelen-in-dit-corona-tijdperk-het-kan-lees-maar

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *