Managers, Andy Warhol in Amsterdam!

Nederlanders die in het buitenland werken, merken het. Cultuur en kunst zijn daar belangrijk. In Nederland is het met het culturele peil van veel managers niet best gesteld. Fnuikend voor de onderhandelingen in Italië, Japan, India en China, om maar eens een paar landen te noemen.
Jonge Bazen gaat daarom meer aandacht besteden aan deze onderwerpen om onze lezers te prikkelen tot verbreding op dit gebied. Cultuur verdiept. Wij dagen managers uit om onze thema’s te volgen en eens te kijken hoe ze ze kunnen inpassen in hun leven. In deze aflevering: Andy Warhol in het Stedelijk.

Wat onder andere leuk is aan kunst en literatuur, is dat je er iets van kan leren. Anders leren kijken bijvoorbeeld. Dat merkte ik gistermiddag maar weer eens, toen ik door A. werd uitgenodigd om mee te gaan naar het Amsterdamse Stedelijk Museum.

A is een 28-jarige vrouw die mode en kunst studeerde. Ze heeft een zwak voor de periode vanaf 1890 tot nu. Ze ontwerpt en maakt zelf jurkjes die daar goed bij passen. Ze heeft ook iets met videokunst. Ik tot gisteren niet zo. Wat willen ze nou zeggen?, denk ik vaak als ik die filmpjes zie.

Ik weet ook wel dat ze soms helemaal niets willen zeggen, maar toch denk ik het. Filmpjes zonder richting, zonder verhaal, zonder boodschap, die mochten ze van mij zo teruggeven aan de maker. Tenzij er, zoals bij Brian Eno bijvoorbeeld, aardige muziek onder zit.

A nam me mee naar de video’s en riep plotseling enthousiast ‘Oooh, Bill Viola’ of ‘Yes! Daar hebben we Pipi Lotti Riest!’ Ik volgde haar voorbeeld, ging rustig zitten kijken en leerde anders waarnemen. Bij Viola werd ik rustig, bij Riest moest ik erg lachen. Zij zijn goede redenen om het Stedelijk aan de Amsterdamse Oosterdokskade nummer 5 snel weer eens te bezoeken.

Een verdieping hoger was een expositie van Andy Warhol. Daar kwamen we eigenlijk voor. Warhol verkeerde met grootheden als Lou Reed, David Bowie en Mick Jagger, om er maar eens een paar te noemen. Met name de sfeer rondom Reed’s band Velvet Underground, met die wereldberoemde platenhoes met banaan, was very Warhol.

Het geheel, zo vertelde A me, was factory-achtig opgezet. Een ruimte met zuilen en nisjes, waar je filmpjes en geluidsopnames kon horen van personen die aan Warhols leven raakten. Een vitrine met brieven aan Warhol. En verder overal werk van hem. De wat oudere bezoeker zal de portretten van Marylin Monroe en koningin Beatrix wel herkennen, maar ook zal hij een sentiment voelen opkomen bij het ontwaren van Warhols platenhoezen.

Warhol was een bepalend vormgever van zijn tijd. Je moet er dus naar toe. Kan je je ook nog even vergapen aan Viola en Riest en, niet te vergeten, de objecten van Heringa en Van Kalsbeek, die zichzelf Cruel Bonsai noemen. Ik schreef er een paar regels over in mijn dagboek. Luister maar.

‘De kunstenaars die samenwerken onder de naam Cruel Bonsai maken objecten die op planten gebaseerd zijn, naar brochures beweren. Het is tactiel werk, staat daar, het is van porselein, polyurethaan en vloeibaar glazuur. Deze materialen, zegt de brochure, zijn belangrijk voor Cruel Bonsai, en verfijnd met pluizig touw en poezelige veertjes. Zinnestrelend en verontrustend, zegt de brochure.

Ik zie er persoonlijk wezens in, die de huid van hun lichaam lopen tegen de stormachtige wind in. Mensen die zich de stukken van hun lichaam lopen. Als bij Francis Bacon. In de prachtigste kleuren. Het is alsof kunstbrochures wreedheden beschrijven als verfijnde initiatieven. Horror als romantiek.’ Zeg ik. Niet de brochure. Maar gaan, hoor, naar het Stedelijk. Het is te bijzonder om te missen.

zie ook: http://www.stedelijk.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *