Een Nederlandse generaal over leiderschap

IMG_3114In de overstelpende hoeveelheid boeken over leiderschap is ‘Niemand is belangrijker dan het team’ van brigade-generaal Otto van Wiggen een opvallend boek. Het is altijd interessant om kennis te nemen van de denkbeelden van iemand die kennis combineert met ervaring, maar niet iedereen is in staat om een helder en interessant verhaal te vertellen. Van Wiggen wel. Zijn boek is gelardeerd met aansprekende voorbeelden van militairen in gevechtssituaties. Daarbij blijkt hij buitengewoon goed op de hoogte van moderne leiderschapstheorieen.

Tijdens het lezen heb ik een aantal malen zitten denken wat het boek nu zo krachtig maakt. Zijn het de talrijke voorbeelden van leiderschap in situaties dat leiderschap er echt toe doet, dat het gaat om zaken van leven en dood? Is het de rustige en duidelijke verteltrend, waardoor het verhaal niet blijft hangen in abstract gebabbel over leiderschap, maar een sterk praktisch karakter heeft?

Dat ook. Maar wat het boek boeiend maakt is dat leiderschap in het leger een onmiddellijk zichtbare meerwaarde heeft; daar waar in andere organisaties slecht leiderschap langer kan doorgaan en minder opvallend is, omdat verantwoordelijkheden vager zijn. Op het moment dat je troepen de volgende dag een vallei in moeten met een vuurgevaarlijke vijand, en je hebt als leider geen visie, geen missie en geen strategie, dan heb je direct problemen. En als een leider in de krijgsmacht geen keuzes durft te maken op cruciale momenten, heeft dat enorme gevolgen. En dat zal hij merken in de waardering van zijn teamleden. Een dergelijke duidelijkheid zie je in het bedrijfsleven zelden. Wat niet betekent dat het daar anders zou zijn.

Alles wat elders geldt op het gebied van leiderschap en management, geldt in het leger ook, maar de gevolgen zijn ingrijpender, direct zichtbaar en verstoppen is veel moeilijker. Openstaan voor feedback, coachen, delegeren, duidelijke afspraken en verantwoordelijkheden, kortom: de hele bunch of matters waar het bedrijfsleven moeite voor doet, zijn in de krijgsmacht een noodzaak, en geen luxueuze discussie-items of eeuwig voortslepende organisatiedoelen.

De visie van van Wiggen is mooi uitgebalanceerd en toetst moderne managementtheorieen zonder ze expliciet te noemen. Zijn uitgangspunt (het team is altijd belangrijker dan jouw persoonlijke belang) loopt als een rode draad door het boek heen. Hij schroomt niet om man en paard te noemen, bespreekt eigen fouten en durft zijn mening te geven over fouten van anderen (zonder die mensen te beschadigen). Hij speelt niet op de man, maar op de bal en altijd om te leren van dat wat fout ging.

De visie van ‘Moed, toewijding en veerkracht’ komt voortdurend terug, ook in de voorbeelden van collega’s voor wie je al lezende veel respect krijgt. Swillens, Van Harskamp, Tuinman en Hamers zijn voorbeelden voor iedere leider. En hij vergeet de vrouwen niet. Reanne Eimers wordt genoemd, en Shem Tov. Hij praat met het grootst mogelijke respect over ze.

Wat al deze mensen kenmerkt is dat ze in moeilijke tijden (maar dan niet alleen) voorop gaan, hun kantoren uitkomen en zich onder de mensen mengen. Dus niet ‘Mijn deur staat altijd voor je open maar ik ben er nooit’. Ze zijn er wel. En vooral in tijden dat het moeilijk wordt. Het is simpel. Als ze het niet doen, erkennen hun mensen ze niet als leiders. En Van Wiggen windt er geen doekjes om: leiders zijn mensen die door hun team gedragen worden. Anders kan je beter opstappen.

Hij geeft verder nog een aantal kwetsbare voorbeelden van zichzelf. Zoals het voorbeeld waarin hij vooroordelen heeft over een collega, en deze collega over hem. Pas na bemiddeling van een vrouwelijke collega vinden ze elkaar, en hij spaart zichzelf in het voorbeeld dan ook niet. Hij benadrukt aan de hand van dit voorbeeld het nut van zelfreflectie en de noodzaak voor een leider van feedback. Wat Van Wiggens menselijkheid eveneens benadrukt is het moment dat hij in zijn carriere een sympathieke commandant uit zijn functie moet halen omdat die drugs gebruikt. Van Wiggen beschrijft dat hij dit eigenlijk liever niet wilde, maar dat hij het toch gedaan heeft omdat het gedrag van de commandant nu eenmaal niet kon worden getolereerd.

Wie nu naar aanleiding van zo’n voorbeeld denkt dat de leiding van de krijgsmacht bestaat uit een stel bulderende bokito’s komt bedrogen uit. 360 graden feedback, coaching, in gesprek gaan met je mensen en sociaal gevoel zijn even onmisbaar als in het bedrijfsleven. Het verschil is echter dat het in het leger moet, dat het onontkoombaar is om een goede leider te zijn. Het is een kwestie van leven en dood.

Interessant in dat licht is Van Wiggen’s behandeling van zelfsturende teams. Hij gelooft er niet in. Hij gelooft zeker in zelfstandige besluiten van teams in de praktijk. Ook vindt hij dat iemand ter plekke soms beter dingen kan beoordelen dan zijn baas op de een of andere post. Hij vindt ook dat iemand dan zijn verantwoordelijkheid mag en moet nemen. Maar een leider en een kader moet er zijn. Een dienende leider, dat wel. Maar dienen is dan meer dan een beetje de randvoorwaarden bepalen. Een dienende leider dient namelijk primair de team- en organisatiedoelen. En dan moet je soms ingrijpen, en ook stevig ingrijpen. Dat hierbij visie, missie, strategie en kernwaarden als een huis overeind moeten staan, behoeft geen nader betoog.

Het boek van Van Wiggen kan in leiderschapsdiscussies veel duidelijkheid brengen. De oneindig voortdurende discussie wat nu goed leiderschap is, wordt helderder wanneer je hem tegen het licht houdt van het optreden van leiders onder druk. Bij dreiging aan de landsgrenzen leer je de mensen pas echt kennen, zei de schrijver Willem Frederik Hermans. Of dat zo is weet ik niet, maar dat je in oorlogssituaties de echte leiders leert kennen, daar twijfel ik niet aan.

We leven tegenwoordig in een samenleving waar het grootste gedeelte van de mensen geen oorlog kent, maar een klein deel wel. De inzichten van die laatste groep mensen over leiderschap zijn bruikbaar voor de rest. Door hun helderheid, door het feit dat ze getoetst en gelouterd zijn in extreme omstandigheden. Van Wiggen laat zien tot wat voor perceptie dat leidt over het bedrijfsleven. Hij pleit er dientengevolge voor ‘dat het bedrijfsleven meer aandacht zal gaan besteden aan de persoonlijke ontwikkeling van onze bestuurders. Van selectie op basis van een filosofie op leiderschap met bijbehorende eisen is eigenlijk geen sprake.’

Hij citeert Gijs Tuinman, die vaststelde dat civiele organisaties een extern adviesbureau inhuren om op de hei een paar dagen bezig te zijn met teamdynamiek, persoonlijke ontwikkeling en leiderschap. Dit heeft geen zin als je het geen vervolg in de praktijk geeft. ‘Mijn ervaring’ zegt Tuinman ‘is dat zodra de deelnemers de werkvloer weer raken de inzichten en aangeleerde competenties weer vergeten zijn’. Slechts door met elkaar te oefenen in de praktijk kan een organisatie, een team of leider boven zichzelf uitstijgen om in een veranderende marktomgeving de juiste beslissing te nemen.

Van Wiggen heeft een meer dan bruikbare ‘roadmap’ over leiderschap geschreven waar iedere leider zijn voordeel mee kan doen. Slechts op een punt in zijn verhaal vind ik hem iets te stellig. ‘Leiderschap is aangeboren’ schrijft hij achteraan in een hoofdstuk. Zolang de discussie daarover nog loopt in de neurowetenschappen, kan je dat wat mij betreft niet zo onomwonden roepen. Voorlopig zie je nog twee kampen: de een zal het met Van Wiggen eens zijn, de ander niet. Dit is dus nog een punt van onderzoek.

Maar dat maakt het boek ‘Niemand is belangrijker dan het team’ niet minder interessant. Voor mij behoort het, in al zijn eenvoud en bescheidenheid, tot een parel in de management literatuur. Ik heb in lange tijd niet zo’n helder en interessant boek over het onderwerp gelezen. Vooral ook door de prachtige voorbeelden, die ik hier bewust niet aanhaal. Anders valt er niets meer te lezen. Aanschaffen, dat boek.

 

‘Niemand is belangrijker dan het team’, Otto van Wiggen, uitgeverij White Elephant Publishing, Postbus 8, 6800 AA Arnhem  In dit artikel schrijft Van Wiggen zelf over het boek: https://www.managementsite.nl/leiderschap-praktijkvoorbeeld-krijgsmacht-confrontatie

3 thoughts on “Een Nederlandse generaal over leiderschap”

Jos 5 jaar ago

Beste Bert,

Een duidelijke, helder geschreven verhaal en verwijzing naar het boek
“Niemand is belangrijker dan het team”.

Ik heb het boek ook gelezen en ik ervaar dezelfde worsteling als Bert. Wat maakt het boek uniek.
Dat het boek uniek is staat voor mij als een paal boven water. En ik sluit me dan ook volledig aan bij de repliek van Bert. En ook ik adviseer een ieder om het boek te kopen, te lezen en te koesteren.
Wellicht krijgt het een prominente plek in de boekenkast of nog beter ergens binnen handbereik.
Zelfs “het handboek soldaat” heeft een plek gevonden in mijn boekenkast en staat al ruim 35 jaar voor het grijpen.
Ik vervul een niet zichtbaar sturende functie, en ik gebruik aanwijzingen uit het boek om mijn leidinggevenden, teamleden, partners en relaties te helpen om nog beter te worden in de vervulling van onze gemeenschappelijke opdracht.
Persoonlijk streef ik voor elke opdracht naar een “win win situatie”

Met name de wijze hoe van Wiggen een ieder meetrekt in een verhaal, een opdracht geeft, een visuele handreiking van hoe zou ik in dat team acteren, geeft een positieve impuls.
Dan de vertaalslag naar de orde van de dag. Kijkend vanaf de zijlijn naar mijn eigen werk. Bijsturen waar mogelijk om de teamspirit hoog te houden.
Leidinggevenden aanspreken op hun taak. Met name de uitspraak “leiden is willen dienen” heeft het nodige teweeg gebracht.

Dat leiderschap is aangeboren geloof ik niet. Ieder mens heeft eigenschappen voor leiderschap.
Voor veel leiders is geld, macht, status en carrière maken helaas de drijfveer.
Degene die dat kan parkeren en bereid is voor minder het voortouw te nemen kan in mijn optiek een gooi doen naar leiderschap.
Daarnaast moet je het natuurlijk ook willen en het plezierig vinden om een sturende taak uit te voeren. En vooral niet te vergeten om tijd en energie te willen steken in deze soms ondankbare taak.

Antwoord op Jos
Benno 5 jaar ago

Beste Jos,
Over geboren leiderschap en of leiderschap die ontwikkeld is kan je een enorme discussies voeren. Leiderschap kan prima ontwikkeld worden en kunnen uitstekende leiders zijn. Ik denk dat Van Wiggen bedoelt dat geboren leiders instinctief een (team)besluit kunnen nemen voor situaties die niet te leren zijn. Van Wiggen schrijft dit uit militair oogpunt en ik denk vanuit militair oogpunt heeft hij gelijk. Bij riskante operaties is dat factor van slagen of mislukken met zeer ernstige gevolgen.
Vanuit mijn dienstplichtig verleden (lang geleden) als soldaat had ik officieren die prima zaken konden organiseren en leiden, maar waar ik liever niet met hun een oorlog in ging.

Anke Jegerings 5 jaar ago

Beste Bert,
Dank voor jouw inspirerende beschrijving van dit boek. Ik heb het meteen besteld. Ik wil het heel graag toetsen aan mijn visie op leiderschap. Ik wil graag leren van een man in een vakgebied waar inderdaad direct duidelijk wordt of hij een effectieve leider is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *