Evolutie, bewustzijn en ons vermogen tot change

Als we ons gedrag willen veranderen, dan moeten we dat nieuwe gedrag plannen. Dat doen we met ons bewustzijn. Denk bijvoorbeeld aan een verandering van eetgewoonte. Die bedenk je eerst, en dan voer je hem uit. Dat dat niet iedereen lukt, heeft te maken met de kracht van het bewustzijn. Niet iedereen lukt het om met zijn bewuste voornemen zijn onbewuste driften onder controle te krijgen. En dat geldt voor allerlei soorten van gedrag. Je zal bij jezelf merken dat bepaalde zaken heel moeilijk aan te leren zijn, en andere zaken juist weer heel makkelijk.

Als je wil weten hoe het komt, dat je gedrag soms zo lastig te veranderen is, moet je iets van de evolutie van ons bewustzijn weten. En te weinig verandermanagers en gedragstrainers zijn hiervan echt op de hoogte. Wat we ze niet kunnen verwijten, want ook wetenschappers raken al snel de draad kwijt, als ze de biologische basis en het ontstaan van het bewustzijn willen begrijpen.

Het zou hen helpen om het boek ‘Metazoa’ van Peter Godfrey-Smith (PGS) te lezen. Wat PGS doet, is de ontwikkeling van ons bewustzijn in de context plaatsen van de evolutie. Dat begint met bacteriën en eindigt met de mens. Ik zal je niet alles vertellen over de prachtige zaken die je in korte tijd leert over het leven in de zee (de briljantie van octopussen!) en leven op het land (de genialiteit van vogels en insekten!), maar me in dit artikel op vereenvoudigde wijze beperken tot een conclusie.

Ons bewustzijn is opgebouwd uit allerlei biologische onderdelen. Bij veel dieren zijn er bij het leren twee schakels. De eerste is zintuiglijke waarneming, en de tweede is handeling op basis van deze zintuiglijke waarneming. PGS noemt dit online processing. Al die dieren leren, net als wij, ons staande te houden in onze fysieke en sociale omgeving. Want ons ‘zelf’ is verbonden met de wereld om ons heen.

Bij een aantal dieren, en ook bij de mens, is er een derde schakel, en die zit tussen de zintuiglijke waarneming en de handeling. Dit is wat PGS offline processing noemt. Hier zitten onze reflecties, onze momenten om ons gedrag te evalueren, om vanuit onze geheugens (we hebben er vier) het hier en nu, maar ook de toekomst te analyseren. Het mooie is dat we bij offline processing niet per sé ‘hier’ zijn maar ook ‘elders’. Je kunt in Amsterdam zitten, maar aan Parijs denken. Mentaal ben je dan in Parijs. Bij denken aan de toekomst is iets dergelijks aan de hand. Je zit in het hier en nu, maar je beweegt je met je ‘mind’ door de toekomst.

Behalve dit ‘gereis naar elders’ ontwikkel je in offline-processing-momenten ook je zelfbeeld. Beleving en ervaring mengen zich daardoorheen, eerdere momenten van offline processing ook. Mensen zijn niet de enige die deze derde stap hebben, maar we zijn toch op een bepaalde manier onderscheidend. In de eerste plaats hebben we het vermogen om primaire impulsen te onderdrukken; bij veel dieren is dat niet zo. En dan is er nog de menselijke aanleg voor taal, waarover Sverker Johansson zo schitterend over heeft geschreven.

Wat kunnen we hier nu mee?

Welnu, als we meer begrijpen van de vorming van ons bewustzijn en het brein, dan begrijpen we ook beter hoe we leren, en hoe menselijke mentale systemen reageren op verandering. Bij gedragsplanning is het belangrijk tijd te nemen voor offline processing. Daarbij is het helpend, als we tot steeds betere evaluaties komen, en steeds realistischer worden over ons zelf, onze omgeving en heden, verleden en toekomst.

Hier komt mindfulnes en meditatie om de hoek kijken. Maar ook de door mij ontwikkelde DIMO-checklist voor managers (te vinden in mijn boek ‘Het Flitsbrein’); op te vragen via bert_overbeek@hotmail.com (met een underscore tussen bert en overbeek).

Die DIMO-checklist helpt je om, mede met behulp van anderen, je vergissingen te doorgronden. De evolutie is namelijk geen perfecte ‘schepper’ en PGS laat opnieuw zien, dat ons brein, onze intuïtie èn ons geheugen niet blind te vertrouwen zijn. Ons brein is gevoelig voor veiligheid en voor verhalen. Verhalen doen het beter dan feiten, die saai worden gepresenteerd. Als er geen emotie bijkomt, vergeten we dingen snel.

Het bewust aansturen van ons gedrag, bijvoorbeeld bij diëten en gedragsverandering in organisaties, lukt soms niet goed, en dat is niet vreemd, omdat ons bewustzijn is opgebouwd uit biologische componenten, die op zichzelf niet primair die functie hadden. We kunnen ze in de moderne digital age daarvoor zeker gebruiken, maar dan is het belangrijk dat we onszelf en anderen de juiste dingen aanleren in de momenten van offline processing.

En daar valt nog het nodige te leren. Mooi van wetenschappers is dat ze dat ook zeggen. Ook PGS zegt in ‘Metazoa’ méér dan eens, dat hij veel niet weet. Dat is eerlijker dan suggereren dat je de waarheid in pacht hebt. Bovendien bewijst het dat wetenschappers minder arrogant zijn, dan wel eens wordt beweerd.

In zijn boek ‘De schakelaar’ noemt exutive coach en organisatie trainer Bert Overbeek ‘kennis van de menselijke geest’ een belangrijke eigenschap van de leider van de toekomst. Dit soort artikelen leveren een bijdrage aan vernieuwing van denkbeelden over neuropsychologie. Overbeek wil op die manier learning & development professionals helpen om hun vak te vernieuwen. Met name veranderprocessen worden daar effectiever van. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *